De Man Met De Camper 2.0

8

“Straks gaan we nog lieve dingen tegen elkaar zeggen. Je bent ook niet leuk of zo..”

“Je bent leuk, jij”

“Slaap lekker, lief”

Dit soort berichtjes las ik, zittend op mijn balkon in ons vakantiehuisje in Chersonissos met uitzicht op de felblauw gekleurde Middellandse zee. Het was een top vakantie. Mijn moeder en ik waren zelfs nog zo wild dat we beide een tattoo hebben laten zetten, geweldig. Nu is dat voor mij niet zo heel gek, maar voor mijn moeder wel. Ik bedoel, wiens moeder staat er nou in Oh Oh Cherso  in een tattooshop op Starbeach en zegt: “Ik laat er ook één zetten!” 

Anyway, de man met de camper. Onze eerste date vond na heel wat heen en weer ge-WhatsApp en een ziekmelding van zijn kant later, plaats in een goed restaurant in de stad. Ik was natuurlijk super zenuwachtig, en dat had voornamelijk met het feit te maken dat hij me een dag van tevoren vroeg of hij me zou komen ophalen. Ik vind het altijd een beetje risky wanneer mensen mij komen ophalen voor een eerste date. Dat betekent namelijk dat hij bij mijn huis in de buurt komt. Dat betekent dat er een ongemakkelijk gedag plaats gaat vinden, want hoe geef je iemand drie kussen, als de ander naast je zit, in de auto? Het kan wel, maar het is lastig en wiebelig. En buiten dat probleem, hoe neem je afscheid van je date in de auto? Moet ik me dan naar voren buigen en hem zoenen? Wordt het een halve worstel knuffel of toch weer die drie kussen die niet goed lukken? Moet ik hem überhaupt wel als eerste zoenen? Als er een goede klik is, zal ik hem dan mee naar boven vragen? Je merkt het al, veel vragen. En ik maak het mezelf alleen maar moeilijker door overal over na te denken. Trek gewoon iets leuks aan en ga, Jezus.

Na een uitgebreide pas en meetsessie ben ik er klaar voor. Ik heb me voor de zekerheid geschoren want je weet maar nooit. Ik draag een zwarte broek met nude kleurige sneakers, een zwarte top en een witte blazer. Mijn haar heb ik vast in een klem. Casual chique, noem ik het maar. Mijn telefoon trilt. Taxi! Stuurt hij.

OHMIJNGODDDDDD

Ik loop naar beneden en vraag me onderweg af waar zijn auto in godsnaam geparkeerd staat. Gelukkig wist ik wel dat zijn auto wit was, maar daar bleef het ook bij. Eenmaal aangekomen bij de voordeur kijk ik heel voorzichtig door het raam om te zien waar hij staat. Ik heb er een bloedhekel aan om naar iemand te zoeken in een auto. Ik zie namelijk geen flikker door die spiegelende ramen. Oké. Er staan twee witte auto’s. Eentje links en de ander rechts. Ik gok op links en loop als een zelfverzekerde prostituee in een tippelzone op het bijrijdersportier af. Jammer voor mij dat dit de verkeerde auto is. Op rechts zie ik een witte bolide strak in de achteruit schieten om vervolgens richting mij te rijden. Ik zie hem lachend achter het stuur zitten. Goed. Ik heb mezelf nu toch al voor lul gezet, het ijs is gebroken. Ik stap een beetje debiel in de auto. “Je loopt toch niet op een bestelbus af waar een schoffel op het dak ligt?!” roept hij schaterend. “Hoe moet ik nou weten waar jij werkt? Die auto’s zijn verdomme beide wit!” Vijf seconden samen en het lijkt nu al alsof we twintig jaar getrouwd zijn, geweldig! We rijden naar het restaurant en voeren wat small talk. Ik heb hem helemaal niet begroet, bedenk ik me ineens. Dat ging makkelijk. We stappen uit in de parkeergarage en ik zeg “Hey! Ik heb mijn knuffel nog helemaal niet gehad!” Hij blijft een beetje verrast en verlegen stil staan en spreidt zijn armen. Het was een korte knuffel, maar dat geeft niet. Om het nog ongemakkelijker te maken rennen we bijna naar het restaurant. Maar echt. Die man liep zo hard, dat is niet normaal. Usain Bolt is er niks bij. We zijn er, we zitten. Het is gek. We kennen elkaar al ZO lang maar we hebben nooit zo naar elkaar gekeken. Althans, ik niet naar hem. Hij wel naar mij kwam ik later achter. Maar hij had de ballen niet om iets te zeggen en hij vond dat hij vrij kansloos was in dat opzicht. Wat ook zo was, want ik liep te vozen met de manager. Ahum. Vorig leven.

Na een uur of twee heerlijk te hebben gegeten, gepraat te hebben over onze periode bij een allejezus prachtige horecazaak en zenuwachtig te friemelen aan zowat alle decoratie op tafel die voor handen lag en na beide een lepel gestolen te hebben besloten we dat het wel tijd was om te gaan. We lopen samen naar de bar en hij trok zijn portemonnee. Ik kijk. In zijn portemonnee. Ik weet niet waarom, maar dat deed ik heel onbeschoft. Hij betaalde contant, met gladgestreken flappen. Zo gladgestreken dat het nieuw gedrukt leek. Ik vond het opmerkelijk dat hij zoveel contant geld bij zich had. We rennen weer als een bezetene over het plein naar de garage. Ik moet zo hard lopen dat ik er een grapje van maakte en serieus voor hem uit ging rennen als een klein kind. We hebben lol. Ontzettend veel lol. We rijden terug naar mijn huis en daar werd ik weer nerveus. Het afscheidsmoment. Wat gaan we doen? Hij stopt voor mijn deur. Ik zeg dat ik het gezellig vond, hij stemt daarmee in. Ik voelde niet de behoefte om hem mee naar boven te vragen, niet omdat ik hem niet meer wil zien maar omdat dit anders aanvoelt. Hij is niet fout. Ik kijk hem aan, hij kijkt mij aan. Kus me dan, lullo. Denk ik. Het gaat niet gebeuren. Omdat mijn staar moment op zijn einde liep moest ik iets doen. Uit pure wanhoop vraag ik met een heel hoog stemmetje (dat doe ik als ik zenuwachtig ben bij een man in de buurt) “Wil je een knuffel?” Stomme mongool, denk ik bij mezelf. Hij is toch geen twaalf? Maar hij zei toch ja, en we knuffelden. Dat was het. Ik stapte uit en opende mijn deur. Hij reed weg en toeterde. Ik voel me ondertussen ontzettend hyper. Na even nagedacht te hebben over de avond betrap ik mezelf op een vreemd gevoel. Een gevoel dat ik eerder heb gehad. Het voelt alsof hij een vriendin heeft of zoiets, ik kan het niet plaatsen. Dat had ik bij mijn ex ook. Daar was achteraf niets mis mee, maar omdat ik tegenwoordig op mentaal gezonde mannen val, word ik wantrouwig. Dan zijn ze te normaal, snap je? Contant glad geld, snel lopen over pleinen, die lepel die we gejat hadden wilde hij in het dashboardkastje van de auto stoppen in plaats van me te nemen naar huis. Ben ik misschien gefriendzoned door dat geknuffel? Nee dat is het niet. Hij keek een paar keer stiekem naar mijn decolleté. Maar dat lukt niet stiekem want wij vrouwen hebben altijd door wanneer iemand naar onze tieten kijkt. Ook al weet je zeker van niet, we zien het. Ik heb hèm ook niet gefriendzoned toch? Neeee, ik heb nog wel twee keer mijn sexy starende glimlach met wegkijk moment gedaan. Ik weet het niet. Ik kan het niet helpen om dit te overdenken in bed.

Dagen gaan voorbij tot onze volgende date volgt. Ik werd bloed chagrijnig omdat we niet vaak konden afspreken. Iedere keer hadden we een datum gepland en zei hij af. Uiteindelijk kwam dit door gezondheidsproblemen van zijn kant (niets ernstigs gelukkig maar wel kut). Onze tweede date was uiteindelijk heel spontaan bij mij thuis, maar heel kort. De derde date was ’s avonds, ook bij mij thuis. Kun je je bedenken hoe vaak ik mij voor Jan fucking Lul heb geschoren? Op de derde date hadden we nog steeds niet gezoend. Lag het aan hem? Nee, ik ben zelf ook een mietje op dat gebied hoor. Pas als ik dronken ben durf ik uit mezelf iets te doen en sta ik tegen Italianen aan te rijden in een restaurant, haha. De hele date zaten we op mijn ultiem grote zachte chill bank. Ik durfde niet aan hem te zitten. Hij ook niet aan mij. Het enige lichamelijke contact dat we hadden was een soort minuscuul kussengevecht, wat niet eens een echt gevecht was want hallo, mijn haar en make-up. En ja, ik weet het, Laura die op de derde date nog niet eens heeft gekust, wat is er aan de hand? Ik val zoals gezegd op andere mannen tegenwoordig, dus bijna al het initiatief moet van mijn kant komen maar daar ben ik dus niet zo goed in.

“Ja, ik ga maar eens naar huis” zegt hij.

Hij staat op en loopt naar mijn keuken. Ik loop naar hem toe voor het afscheid gebeuren. Gaan we nu eindelijk zoenen? Jawel mensen. Hij buigt richting mij en geeft me een snelle, spontane kus, gevolgd door een stevige omhelzing. Oké, dat was één. Hij loopt verder naar mijn gang en daar staan we stil. Ik vind dat nú mijn kans is en zet een stap richting hem. Zodra mijn armen zijn middel raken kijk ik hem aan. Ik kijk naar zijn mond en kus hem kort. Daarna nog eens. Nu is het hek van dam jongens. Ging er door mijn hoofd. Ik leg mijn hand langzaam op zijn wang en kus hem weer, maar nu langer. Hij pakt me stevig vast en drukt zich tegen me aan. Zijn hand glijdt langs mijn taille naar beneden, heel even naar mijn bil, gevolgd door een kort kneepje en gaat weer terug naar mijn zij. Ik voel een beetje tong en open heel iets mijn mond. Net goed, weet je wel? Heel even tongen, maar gevolgd door zachte en intieme kusjes. We stoppen en hij pakt me vast voor een knuffel. Mijn hoofd ligt op zijn schouder en ik verneuk zijn zwarte blouse door mijn foundation er aan te smeren.

Het was perfect. Het was een kus zoals ik hem in mijn hoofd had toen ik een klein meisje was. Een kus die ik nooit heb gekregen en nu, met mijn 27 jaar, eindelijk heb mogen voelen.

Heb ik hem daarna nog gezien? Nee, natuurlijk niet. Zodra dingen serieuzer worden schijt ik mijn broek vol en trek ik een sprintje naar vrijgezellenland. Wordt aan gewerkt lezertjes. En mannen, sorry voor de hoop. Sorry voor de gebroken harten en sorry voor mijn bindingsangst. The tables have turned. Ik val niet meer op de foute man, ik bèn de foute man.

 

XO

 

3 gedachtes over “De Man Met De Camper 2.0

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s